Hoofdstuk 27

27. De opkomst van het damspel
 Vele oude christelijke kerken bewaarden het lijnendambord in de vorm van een inscriptie. In uitgaven van 2013 en 2015 bracht Govert Westerveld (linksonder) een verzamelwerk uit met de vondsten van deze inscripties, met hulp van de Italiaanse onderzoekster Marisa Uberti (rechtsonder), die zich specialiseert in het molenbord.
Uberti Marisawesterveldgovert
Omdat het molenbord samen met het lijnendambord kan voorkomen, kon de Italiaanse ook lijnendamborden noteren. In dit hoofdstuk versta ik onder het begrip molenbord de vorm als op de afbeelding.
molenbord Oudere culturen maken niet zoals wij onderscheid tussen het heilige en het profane, die twee zijn verweven. Daarom mogen we een lijnendambord in een vloersteen van een kapel in Jeruzalem [Westerveld 2013:20] interpreteren als bewijs dat het damspel in Jeruzalem werd gespeeld. Hetzelfde geldt voor twee stenen met ingekerfde spelborden die zijn gevonden in de oude Romeinse stad Munigua bij Sevilla. De ene steen had aan de ene kant het lijnendambord en aan de andere kant het molenbord; een tweede steen had een lijnendambord en een molenbord naast elkaar [Westerveld 2013:25-31].
Het grote probleem van inscripties is altijd de datering, en dat geldt ook voor de inscripties die Westerveld en Uberti bijeenbrachten. Friedrich Berger [2003:100] kaart het probleem aan in zijn paragraaf Conclusions. Het molenbord komt voor in een Romeinse omgeving sinds 200 n.C., merkt hij op. Hij kan echter niet uitsluiten dat sommige inscripties van het molenbord in de Alpen ouder zijn.
Bij de Romeinen zelf, dus bijvoorbeeld in het klassieke Rome, zijn noch inscripties van het molenbord noch van het lijnendambord teruggevonden. Er zijn evenmin verwijzingen naar deze spelen in de literatuur van de Romeinen teruggevonden. Om deze reden bedoelt Berger met Romeinse omgeving een Latijns dialect sprekende stammen. De leden van deze stammen kunnen Germanen zijn die binnen de invloedssfeer der Romeinen Latijn zijn gaan spreken.
Het lijnendambord onder, die ik in dank ontving van Uberti, is gevonden in het Vaticaan.
Alquerque- Appartamento Borgia (Vaticano)
De uitkomst van mijn analyse van de spelnamen voor lijnendammen in hoofdstuk 8: ze zijn ouder dan 500 n.C. Weliswaar mag ik de inscripties die ik hierboven noem niet opvoeren als bevestiging van de juistheid van mijn analyse, ze spreken mijn datering bepaald niet tegen.
De oorspronkelijke naam voor het lijnendammen, die teruggaat op het Latijnse woord marrus = steen, spelschijf, is niet bewaard gebleven, wel de uit deze naam voortgekomen vormen in het Spaans, Italiaans en het Frans. Het onderzoek van Berger bevestigt dit: inscripties van het molenspel zijn aangetroffen in gebieden waar dialecten van het Latijn werden gesproken.
Er is geen enkel middeleeuws lijnendambord overgeleverd. Sowieso zijn er weinig middeleeuwse spelborden bewaard gebleven: een paar 64-veldenborden, dat is alles.

 Een vraag van Westerveld [2013:142]: waarom vinden archeologen zo weinig lijnendamborden in zuidelijk Spanje, waar de Moren het langst standhielden tegen de christelijke koningin Isabella en haar voorgangers? Wel, Westervelds vindplaatsen van het lijnendambord zijn vooral kerken. Kerken zijn (meestal) oude gebouwen, die het verleden bewaren. Is het mogelijk dat de Moren, Moslims, in Zuid-Spanje veel kerken hebben verwoest? De stad Munigua en het voor koning Alfonso vervaardigde handschrift met bordspelen bewijzen dat het lijnendambord ook in Zuid-Spanje voorkwam.

De tempel van Kurna
 Wie om mij te controleren Murray’s standaardwerk over bordspel [1952] uit de kast trekt, zal vallen over mijn 2e eeuw n.C. Het lijnenbord is veel ouder, aldus Murray, zich beroepend op de archeoloog Henry Parker [“Ancient Ceylon”, London 1909]. Deze trof een inscriptie van het bord aan tussen inscripties die bouwvakkers aanbrachten op de dakplaten van een tempel bij Kurna, de Egyptische plaats langs de Nijl niet ver van Luxor. Bij Kurna en bij en in Luxor liggen tempelcomplexen uit de tijd der farao’s, en ruïnes van de stad die eens Thebe heette. Hier de tekeningen die Parker van de inscripties maakte.
img981 (2)
Farao Seti I (regeerperiode 1366-1333 v.C.) begon aan de bouw van de Kurna-tempel; een van zijn opvolgers, Ramses II, voltooide de tempel tijdens zijn regeerperiode (1290-1224 v.C.).
Zo oud is dus het damspel. Althans volgens Murray.
img982 (2) Wim van Mourik legde de Duitse archeoloog en Egyptoloog Rainer Stadelmann de tekeningen voor die Parker en Murray van het bord maakten. Linksboven de tekening van Parker [1909:644], rechtsboven die van Murray [1952:19]. Stadelmann stuurde van de bewuste inscriptie een foto (onder): geen lijnendambord.
img983 (3) De inscripties die Parker dateerde op de 13e eeuw v.C. stammen naar het oordeel van Stadelmann uit een veel latere tijd, vermoedelijk de 4e eeuw n.C. Hij baseerde die mede op de kruisen, symbool van Koptische christenen.
(Gebaseerd op het verslag van Wim van Mourik 2007-9).